Het laatste oordeel ~ n.a.v. Mattheüs 25:31-46
Wanneer het over “oordelen“ gaat, bekruipt velen een angstig gevoel en is men snel geneigd het hierover maar niet te hebben. Het klinkt zo negatief en ons liggen toch veel meer positieve en opbouwende onderwerpen!
Het is maar van welke kant men het bekijkt. Het laatste oordeel is of VOORDEEL of OORDEEL. Dit is geen woordspeling, nog minder alsof we het over het winnende lotnummer hebben. Alles bepalend is de inhoud van ons leven.
De Here Jezus is in Mattheüs 25 hierover heel duidelijk. Voorafgaand aan de woorden die de Here Jezus spreekt over “ het oordeel van de Zoon des mensen “ staan twee gelijkenissen, die van de wijze en dwaze maagden en die van de talenten. De Heiland houdt Zijn discipelen en ook ons voor om te waken en te bidden, kortom: voorbereid te zijn op Zijn komst. De wederkomst is echter ook een afrekening. De Here gaat na hoe we Zijn gaven, de door ons ontvangen talenten, hoe gering ze ogenschijnlijk ook zijn, optimaal hebben gebruikt. Verstandig werken is beter dan onnodig angstig talenten begraven.
Wat je in je leven gedaan hebt en hoe je dat gedaan hebt is bepalend voor het oordeel, dat eenmaal over ons zal worden uitgesproken. De beslissing valt feitelijk in het hier en nu!
En dan gaat het niet om ontzettend moeilijke en ingewikkelde zaken, maar over heel gewone dingen in het leven, over het geven van een boterham, drinken, kleding, het bezoeken van zieken en gevangenen en het huisvesten van vreemdelingen. Heel gewoon, maar daarin juist zo bijzonder, je naasten liefhebben als jezelf!
“Barmhartigheid wil Ik en geen offerande”.
Barmhartigheid is geen hobby of idealisme. Het gaat vanuit het hart, zelfs zo, dat we het zelf niet eens in de gaten hebben gehad: “wanneer hebben wij dat…….en wanneer hebben wij dat gedaan?”
Barmhartigheid (=Eleos) is liefdevolle hulp. Zoals de Here Jezus omzag naar de ander, ziet de gemeente om naar zijn medemens, ongeacht arm of rijk, geleerd of ongeleerd, blank of bruin, man of vrouw, etc. Het zijn mensen van: ik vergeef je – ik help je – ik kom eraan.
De echo van God klinkt in hun leven, want ze lijken dan in feite op God.
De gelovigen zullen zich in het gericht niet bewust zijn van de dingen die zij deden, dat ze het zo expliciet tegenover Jezus hebben gedaan. Jezus onderkent in een liefdedaad aan de minste mens gedaan, een liefdedaad aan Hemzelf en wel zo, dat we er later op beoordeeld worden.
Voor de liefde is typerend, dat ze zich tot geen enkele kring/groep laat beperken, maar alle grenzen en kerkmuren doorbreekt. De liefde tot een van Jezus minste broeders staat dus op één lijn met de liefde tot onze naaste. Het is een liefde die opkomt uit de verbondenheid aan Hem en die zich richt op een ieder die op onze levensweg geplaatst wordt. Denk in dit verband aan de gelijkenis van de barmhartige Samaritaan (Lucas 10:25-37).
De woorden van Jezus over het laatste oordeel leren ons ook dat wij niet eens meer opmerken waarin onze naaste verkeert. Ook zij vragen zich af : wanneer hebben wij U niet gediend? Wel heel confronterend en appellerend voor ons.
Twee groepen mensen t.w. schapen/rechtvaardigen en bokken/onrechtvaardigen. De ene groep weet niet eens dat ze liefdedienst heeft gedaan, zo heel gewoon en vanzelfsprekend was dat voor hen en de andere groep heeft niets gezien van hun naaste en de situatie waarin deze verkeerde! In dit verband moet ik denken aan een uitspraak van Kees Stip (= mensenvriend) “De mensheid heeft mijn hart - en vergt mijn volle krachten.
Het zijn er 4 miljard - dus jij moet even wachten!”.
Veel activisme, het horizontale onder onze naaste, zonder de verticale verbondenheid met Hem, het baat ons niet! In 1 Korinthe 13, het hoofdstuk over de liefde, zegt Paulus tot ons: “Al ware het, dat ik al wat ik heb tot spijs uitdeelde en al ware het, dat ik mijn lichaam gaf om te worden verbrand, maar had de liefde niet, het baatte mij niets!”
Wekelijks horen we in de eredienst, God lief te hebben en onze naaste als onszelf. Geven wij hier echt invulling aan, dan valt de oordeelsangst weg.
In het Oude Testament werden door de profeten de onheilsvoorzeggingen benadrukt. Oordelen tegen het volk vanwege het wandelen in de zonden. Hierin valt in het bijzonder op: afgoderij – hebzucht – onechte godsdienst – valse profetie – het occulte – oneerlijke rechtspraak, etc. Ook heel herkenbaar in de levenswandel van vandaag.
Vanwege al deze zonden zal God tussenbeide komen. Het is zelfs tot een verdeeld koninkrijk gekomen met de verwoesting van de heilige stad Jeruzalem en haar tempel. Heel duidelijk begint het oordeel bij het huis van God. Met dezelfde woede zou God Zijn oordeel uiten over de volkeren die Hem niet gehoorzamen, dus de voorbode van een toekomstige totale zuivering van de aarde.
Ook waren er bij de profeten de heilsvoorzeggingen van herstel van de ruïnes en terugkeer uit de ballingschap en het belangrijkste, de komst van de Messias. De heerschappij van deze Persoon zou wereldwijd zijn.
De grootste en hoogste Profeet Jezus Christus waarschuwt ons ook voor onze levenswandel en handel en feitelijk voor dezelfde zonde als waarover door de profeten gesproken werd in het Oude Testament. Zijn liefde was zo groot, dat het oordeel wat over Hem is uitgesproken en uitgevoerd, voor ons was. Want Hij wil niet dat er maar één verloren zou gaan, maar allen behouden zullen worden. Kijk, dat is echte liefde. Laat Zijn liefde door ons heen schijnen, zodat er van onze gemeente en alle christenen gezegd kan worden wat van de gemeente Tyatira geschreven staat: “ Ik weet uw werken en liefde en geloof en dienstbetoon en uw laatste werken, die meer zijn dan de eerste.” Dat geeft toekomstverwachting zonder enige angst!!
Want het zal klinken: “ Komt, gij gezegenden Mijns Vaders, beërft het Koninkrijk, dat u bereid is van de grondlegging der wereld af.”
W. Nagtegaal