Het land van God
‘De Joodse gemeenschap, zionisten, is het gelukt na de tweede wereldoorlog een eigen staat te stichten ten koste van de eigenlijke bevolking van het welvarende Palestina die werd verdreven naar vluchtelingenkampen. De Palestijnen zijn al die jaren afhankelijk van de zionisten en hebben geen eigen staat in hun land Palestina’.
Een citaat uit een ingezonden brief in het gratis ochtendblad Metro.
Van zulke woorden schrik je. Temeer als dit versterkt wordt door veel Midden-Oostendeskundigen, de goeden niet te na gesproken, met uitspraken als deze: ‘de joden werden daarbij gesteund door de westerse wereld die met schuldgevoel vanwege de holocaust van het joodse probleem afwilde’. Dit is wat familie Doorsnee in Nederland hoort en leest via de media. Dit beeld is vast gaan zitten in de publieke opinie.
Velen zijn een andere mening toegedaan. Palestina heeft nooit als een vrije welvarende staat bestaan en Palestijnen bestonden tot circa 1960 niet. Het land was dun bevolkt, verwaarloosd en verlaten, een wingewest van de provincie Syrië van het Turkse rijk. Eind 19e en vooral in de 20e eeuw met de komst van de eerste joodse, zionistische pioniers bloeide het langzaam op. Met ongelofelijke inzet en idealisme lukte het hen moerassen te overwinnen, woestijnen te laten bloeien, bergen en heuvels van Galilea, Judea en Samaria weer groen te laten worden en landbouwnederzettingen te stichten. Een land dat met zijn volk herenigd werd. Dat succes trok velen uit de Arabische islamitische wereld aan. Meer dan 90% van hen die zich nu Palestijnen noemen stamt uit families die na de komst van de zionisten zich in Israël vestigden. Van een ‘historisch’ Palestina en verdrijven van ‘oorspronkelijke’ bevolking is namelijk geen sprake. Een meerderheid van de Arabische wereld is van mening dat Israël maar beter helemaal kan verdwijnen en plaats moet maken voor een Arabische staat.
Laten wij vasthouden aan onder andere wat in Ezechiël 36 staat en met name in vers 8: ‘maar gij, o bergen van Israël, gij zult weer vrucht dragen voor Mijn volk Israël’. Daar wordt gesproken over het herstel van het verwaarloosde land dat ten onrechte door de volken rondom in bezit genomen was. De Heere roept de bergen van Israël op weer vrucht te dragen voor ‘Mijn volk Israël’. Er is een unieke band tussen het unieke volk en het unieke land. Gods verbond met Israël staat vast. Zelfs eeuwenlange ballingschap maakt die band niet krachteloos! Niet dat Israël het land in eigendom krijgt. Het blijft het land van God voor Zijn volk. Deze woorden zijn vast en betrouwbaar. Daar moeten wij het ook maar bij houden, want God zal toch wel de ‘Midden-Oostendeskundige’ bij uitstek zijn!
(Dit is een samenvatting van een artikel uit ‘Israël Actueel’ van ds. J. de Vreugd)
Ir. L.G. van Esterik